Theory of Mind and spiegelneuronen in autisme; ‘Intenties in actie’

Titel Engels: Theory of Mind and Mirror Neurons in autism
Onderzoeker(s): Mr. dr. B.B. Sizoo, hoofd Centrum Ontwikkelingsstoornissen, Dimence
In kader van: Participatie aan onderzoekconsortium UMCG
Samenwerking: Dr. C. Keysers, dr. M. Thioux, dr. S. Durston, dr. A. Klin, dr. W. Jones, dr. K. Chawarska, dr. A. Avenanti, N. Valshev
Societal partners: dr. R. Minderaa, dr. F. Volkmar
Duur: 2011 – 2013
Status: Afgerond met Publicatie
Informatie: Bram Sizoo, b.sizoo@dimence.nl

Abstract

Het spiegelneuronsysteem lijkt niet goed te functioneren bij mensen met autisme. Dit is in verschillende onderzoeken aangetoond. Er is tevens een lineair verband tussen de mate van autistische klachten en de activiteit van het  spiegelneuronsysteem gevonden. Het onderzoek richt zich op de oorsprong van de sociale moeilijkheden in autisme spectrum stoornissen (ASS). Twee systemen lijken betrokken te zijn bij deze problematiek:

  • Het spiegelneuronsysteem (SNS) in de ventrale pre-motor cortex (vPMC) en in de anterieure intra-parietale sulci (aIPS), dat betrokken is bij het begrijpen van intentioneel handelen van anderen en in de automatische simulatie van gezichtsuitdrukkingen.
  • Het ‘theory of mind’ (ToM) systeem in de tempero-parietale junction (TPJ) en de ventral mediale pre-frontale cortex (vMPFC), dat betrokken is bij het begrip van wat anderen denken.

Er is een test ontwikkeld die direct het functioneren van de twee systemen met elkaar kan vergelijken tijdens het uitvoeren van een sociale taak. Samen met een controletaak wordt gekeken of meer begrepen kan worden van de etiologie van  autisme:
1. Is de functionele connectiviteit belemmerd tussen en binnen de twee systemen?
2. Wat zijn de uitkomsten voor de ToM en SNS beperkingen in volwassenen met ASS?
3. Kunnen we een disfunctie detecteren op de leeftijd van 4 jaar?
4. Is SNS beperking van toepassing op ‘strictly congruent’ en ‘broadly congruent’ spiegelneuronen op een vergelijkbare manier?

Meerdere technieken zullen worden aangewend om de vragen te beantwoorden: FMRI, visual habituation paradigm, computer game/tests, TMS and Motor Evoked Potentials.